1 2 3
Mauris pede semper Curabitur condimentum, et mollis, minus dapibus odio faucibus. Mauris pede semper nec vel ut sem, a augue tortor sapien   « Previous Next »  Learn more
Interdum ullamcorper maecenas Orci maecenas. Tincidunt tempus, integer viverra lorem praesent magna parturient   « Previous  Learn more

Biografie

Eline De Roover, biografie
Op 4 april 1992 zag ik mijn eerste levenslicht, een flinke baby en gezond. Mijn leven kon beginnen!

Van horen zeggen ben ik steeds een voorbeeldig jong meisje geweest. Ik ging van kleuter tot puber naar de GSA in Sint-Antonius. 3 dorpen verderop van ons eigen plaatsje in Pulderbos. Dit vooral doordat dit beter uitkwam voor het werk van mama en papa. We werden ’s morgens afgezet bij moeke en zei gaf ons boterhammetjes en maakte ons klaar voor school. Het was altijd leuk samen met mijn zus en vaak ook met mijn neef Tim en nichtje Shana.



Doordat we enkele dorpen verderop naar school gingen, woonden ook onze meeste vriendjes en vriendinnetjes niet naast de deur. Daarom koos mama en papa ervoor ook te sporten in Sint-Antonius. Ik startte zoals heel veel kindjes met turnen op woensdag namiddag. Dit waren mijn eerste bewegingen in de sport. Naast turnen had ik vooral interesse in Samson & Gert en Plop op zondagmorgen. Papa die elk weekend zijn wedstrijden reed in het wielrennen, kon me moeilijk meekrijgen. Ik had geen interesse in de koers, het duurde te lang en ik vond het saai. Dus belde ik altijd eerste de moeke of de oma af of ik daar kon blijven, zoniet dan ging de hele collectie barbiepoppen mee naar de koers.

Zus Silke startte met badmintonnen toen ik 7 was, een jaar later besloot ik met haar mee te gaan. Best moeilijk om Plop op zondag op te geven, maar ik leerde al snel nieuwe vriendinnetjes kennen en begon weer te bewegen, want voor het turnen vond ik mezelf te groot voor.



Op mijn 9e leerde ik door vrienden van papa een meisje kennen dat ook koerste, dit zag ik voor het eerst. Doen ook meisjes die sport? (een vraag die velen nu nog stellen en waar ik nu wel eens boos van wordt, JA vrouwen doen dit ook) Door haar ging ik wel mee naar de koers, en in plaats van de barbiepoppen ging er een step mee. Maar haar telkens achterna steppen als zij met haar koersfiets reed was best vermoeiend en het werd steeds moeilijker.

Op een mooie zomerdag besloten we met ons vieren naar oma en opa te fietsen. Bijna aangekomen stelde papa voor een koerske te doen. Ik stemde in, had al heel wat gestolen met men ogen, dus legde me zo laag mogelijk op mijn fiets en trapte zo snel ik kon. Ik won! (over de eerlijkheid in de wedstrijd zullen we het maar niet hebben, misschien was het wel een strategische zet van hem). De handen in de lucht steken lukte nog niet, maar IK GA KOERSEN zei ik. Die gedachte ging maar niet uit men hoofd. Iedereen in de familie was verwonderd dat ik die geen interesse had in papa’s sport, nu zelf wou gaan fietsen. Na een jaartje zagen en zeuren, kwam papa thuis met de nieuwe Ridley kleuren voor 2002. Dat boekje ging overal mee naar toe en uiteindelijk stond hij daar, een nieuwe Ridley Geryon met shimano Sora. Ik was zoo trots, na een uur stond er ook al men eerste krasje op. Het kliksysteem voor de pedalen was duidelijk even wennen.

Ik schreef me in aan de Vlaamse Wielerschool in Herentals en ik kreeg mijn eerste vergunning. Al snel stonden we op mijn allereerste koers. Bij de miniemen 10 jaar, we deden een behendigheidsproef en een koersje over 4 ronden die dag. Na de ronde neutralisatie was er eentje die meteen in de aanval trok, ikzelf. Papa moest wat gedacht hebben! Maar na een halve ronde was de pret over, de ervaren leeftijdsgenootjes haalden me in en lieten me ook meteen weer achter. Maar ik had er plezier in! Tegen het einde van dat seizoen had ik mijn eerste overwinning beet. Een jaar later was ik zo’n 11cm gegroeid in 1 winter, ik stak er letterlijk met schouders bovenuit, maar ook de prestaties werden hierdoor zeer goed. Van de 15 koersen die ik als 11 jarige reed won ik er 12 van de jongens.

Ik startte ook al op jonge leeftijd met het fietsen op de piste, Ferdy Van den Haute stuurde me in het Kuipke van Gent al snel naar de blauwe lijn. Streng maar wel goed, ik was er snel mee weg en ook dit deed ik heel graag. Een aparte sfeer daar in het Kuipke, iedereen kende iedereen wel en ook de renners zaten mooi in groepjes samen.

Dan werd ik aspirant, weer heel wat anders, eindelijk van die behendigheidsproeven verlost, want dat was niet zo mijn ding. Ook zou er voor het eerst gestreden worden voor een nationale titel. Omdat papa elk meisje wel eens wou zien, reden we overal in Belgie wel wedstrijden. Ik won ook dit jaar nog heel wat koersen bij de jongens. Alleen voorop, maar vooral mijn sprint werd mijn troef. Dan was het zover, mijn eerste Belgisch kampioenschap op de weg te Hoogstraten. De tijdrit won ik in de voormiddag, dus met het systeem van toen, zou ik minstens 2e moeten zijn in de wegrit en dan had ik sowieso de overwinning beet. Vanaf het fluitsignaal trok ik vol in de aanval en ik kwam enkele ronden later alleen aan. Die trui mogen aantrekken was een fantastisch gevoel.



Het jaar erop al 13 jarige reed ik heel wat koersen bij de 12 jarige jongens, zo hoorde het eigenlijk te zijn. Als we bij onze eigen reeks zouden rijden werden we niet als meisje gekwalificeerd. Ook zo kon ik wel wat wedstrijden winnen. Ik werd provinciaal en vlaams kampioen, maar ik wou weer opnieuw de Belgische titel, want vanaf dit jaar zouden zowel voor het tijdrijden als voor de wegrit aparte truien zijn. Ik werd kampioen in het tijdrijden, maar eens aangekomen kon ik alleen maar huilen en voelde me vreselijk. Geen enkel idee wat er aan de hand was. Ik de wegrit kwam ik vooruit te zitten met 2 Waalse dames, deze sprongen om de beurt, wat me normaal wel zou lukken, lukte me nu niet. In de laatste ronde moest ik alles geven om Morgane Van Lierde weer bij te benen. Boven op het klimmetje net voor de aankomst, kwam ik weer aansluiten, maar ik was op en kon geen sprint meer rijden. Ik werd 2e en voelde me vreselijk. De dag erna moest ik langsgaan bij een andere dokter, omdat mijn huisdokter Jan Mathieu nog in de Tour De France was. De dokter bekeek me en vroeg: Jongedame wat heb jij uitgestoken? Ik denk aan 2 dingen, geelzucht of klierkoorts. De bloedanalyse ging dit uitwijzen. De dag erna kreeg ik telefoon, dat ik een zware vorm van klierkoorts had en mijn fiets niet meer mocht aanraken. Wat er toen allemaal gebeurde kan je lezen in mijn klierkoorts rubriekje hier op de site.

Een jaar later was het op het Belgisch Kampioenschap de verlossing, eindelijk had ik het virus helemaal overwonnen, dit blijft voor mij het mooiste moment uit mijn nog jonge carričre want ik behaalde er de Belgische titel tijdrijden en de Belgische titel op de weg!



Ik mijn jaren bij de nieuwelingen gingen we voor het eerst in een apart peloton rijden, niet meer tussen de jongen, een peloton met alleen maar dames. Dit was even wennen en ook omdat er dames juniores en nieuwelingen onder elkaar reden. Maar ik verbaasde mezelf toen ik als eerste jaars zowel de titel in de wegrit als die in het tijdrijden nam. Misschien was ik over het hele jaar niet altijd de beste, maar die dag wel. Ook als 2e jaars nieuweling nam ik beide titels. En ook 19 overwinningen dat jaar. Beter had ik me die jaren niet kunnen dromen.

Mijn juniorjaren waren best moeilijk, mijn eerste wedstrijd die ik reed won ik, maar in de 2e wedstrijd kwam ik zwaar ten val en voor het eerst in mijn leven brak ik iets. Maar door een speciale gips zat ik al snel weer op men fiets, hoewel ik nu wat later besef dat ik beter wat meer had gerust. Ik reed het Europees kampioenschap op de weg in Hooglede-Gits en werd hier 10e daar tekende ik meteen voor. Maar in de voorbereiding naar het EK op de piste liep het weer mis, op de laatste trainingsdag op weg met de fiets naar de piste kwamen we met enkele ten val. Ik had vooral oog voor de barst in men fiets, tot mijn elleboog begon te zwellen en ik deze niet meer normaal kon bewegen. Diezelfde avond zat ik nog op spoed met gips van men schouder tot mijn pols. Maar ik wou absoluut mee naar dat EK in Minsk. Door het wegnemen van het bloed vertrok ik toch mee, weer een fout waar ik uit leerde, want mijn lichaam kon het niet aan. Ik reed ook als eerste jaars nog het WK weg en piste in Moskou.



Als 2e jaars junior verliep de start van het seizoen best goed, ik reed goed. Tot ik in een 3daagse koers in Nederland (Borsele) in de laatste dag een flinke klap op mijn bovenbuis maakte in de sprint. Nadat mijn ‘pijnlijkste’ blessure hersteld was, ik weer begon te fietsen liep het telkens mis. Ik kon niet langer dan 30min op mijn fiets zitten. Na heel wat dokter en kinebezoeken merkten we op dat de onderste wervels een flinke druk naar elkaar hadden gekregen en mijn spieren zich telkens stram zette. Na heel wat behandelingen bij mijn kine Hans Minnen kon ik weer pijnloos fietsen. Omdat ik absoluut het EK weg in Ankarra wou rijden begon ik stevig te trainen na 4 weken niets te doen. Door de harde trainingen die ik mezelf oplegde raakten men knieën overbelast. Kinesiotape zou dit oplossen en ik werd 7e in Ankarra. Omdat ik ook het WK piste wou rijden gunde ik mijn lichaam te weinig rust. Met mijn rug en beide knieën ingetaped trok ik mee naar Montichiari, ik zou er enkel de scratch rijden. Dan was het zover, ik was net op tijd klaar en draaide goed mee. Op 2 ronden van het einde waren we met 4 vooraan in een groepje geraakt. Tot de dame achter mij uitwijkte naar boven en mijn wiel aanraakte. Daar ging ik weer, een flinke klap tegen de houten piste. Ze vreesden voor een heup breuk, maar dit was het gelukkig niet. 2 jaren met heel wat miserie, op naar de dames elite! Ik kreeg een kans bij het team van Leontien Van Moorsel en dat maakte mijn jaar goed.

Een nieuwe start en voor het eerst verlaat ik mijn trouwe nest Frans Vos waar ik al mijn jeugdjaren goed ben geweest. AAdrinks-Leontien.nl een droom om in dat team te mogen rijden. Maar ook niet makkelijk om als eerstejaars je weg te vinden. Dit lukte moeizaam en de resultaten bleven dan ook grotendeels uit. Ik behaalde een 8e plaats op het Belgsich kampioenschap en reed enkele mooie grote koersen, maar veel meer kwam er niet uit. Ik was mezelf even kwijt en heb mijn lichaam nu zeer goed leren kennen.

Nu kan ik spreken over nu, ik heb dit jaar gekozen voor het Sengers Ladies Cycling team. Sinds dit jaar ook een UCI team. Ik stapte zelf naar hen toe, omdat ik geloof in de manier hoe ze werken en ik krijg heel wat vertrouwen en geloof terug naar mij toe. Een andere aanpak en we gaan ons uiterste best doen dit jaar mijn naam nog eens te laten horen!

Wordt vervolgd…




 


 

 
Copyright (c)2012 Eline De Roover Copyright (c)2008 Webcreating